Politieke correctheid

Opinie

Ik las deze ochtend een opiniestuk door Laurence Ostyn met als titel “Kan ik er wat aan doen dat ik een witte man ben?” op de website van vrt NWS waar ze van leer trok tegen Luckas Vander Taelen die in een eerder opiniestuk op dezelfde website zijn visie had gegeven op de kritiek van een dame op de affiche voor een scoutfuif die ze ronduit racistisch noemde.
Ik kon het niet nalaten zelf ook even in de digitale pen te kruipen en mijn eigen allergie aan dit hele gedoe even van me af te schrijven.
Wie of wat geeft deze dame het recht te oordelen en op te treden in naam van “een hele groep mensen” zoals ze dit zelf noemt? Met deze “hele greep mensen” bedoelt ze immers onze gekleurde medemens die zich door de tekening op de affiche voor de scoutsfuif geschoffeerd zou kunnen voelen. Voor zover ik kan vaststellen is de dame in kwestie vrij bleek van huidskleur, dus waar haalt ze het vandaan om zich in de plaats van anderen te stellen en n zich dan nog op te voeren als was ze hun spreekbuis. Ik denk dat de bedoelde groep mensen meer dan bekwaam genoeg is voor zichzelf te spreken.
 
Het stoort me telkens mateloos wanneer ik zie dat mensen de mening of het standpunt (denken te) verkondigen van een groep waartoe ze zelf niet eens behoren, alsof zij weten wat goed voor hen is. Een extreme vorm van betutteling die ik op een kwade dag zelfs als pretentieus zou durven bestempelen…

Ik vergelijk dit steeds met hen die het opnemen voor die andere minderheidsgroep, zijnde gehandicapten. Ook daar zijn steeds wel mensen te vinden die goedbedoeld weliswaar maar toch totaal verkeerd spreken en handelen in naam van deze groep. Er zijn heel wat parallellen tussen beide discussies.
Ook daar heerst een sfeer van totalitaire politieke correctheid, die eigenlijk niemand ten goede komt, en al zeker niet de doelgroep tot wiens spreekbuis al deze lawaaimakers zich profileren.

Mensen, onthoud één ding: de woorden en benamingen zijn van ondergeschikt belang, de context niet! De context is eigenlijk zelfs het enige wat telt.

Tot twintig jaar geleden sprak men overal van “gehandicapten”. Plots begon men de eerste symptomen van politieke correctheid te vertonen en werd deze term vervangen door “minder validen”. ” Gehandicapten” zou immers te stigmatiserend zijn, werd beslist “in naam van deze doelgroep”. Overal werd de oude benaming vervangen door de nieuwe en de hogepriesters in de tempel der politieke correctheid hadden het gevoel goed gedaan te hebben.

Dit duurde tot er iemand over het woordje “minder” in “minder validen” viel. Dat kón toch niet zijn, de gehandicapten van weleer werden plots als mindere bestempeld. Iedereen was het erover eens dat de beste bedoelingen aan de grondslag lagen, maar het resultaat, de nieuwe benaming (die intussen reeds enkele jaren in omloop was) diende toch weer gewijzigd te worden “in naam van de doelgroep”, omwille van te stigmatiserend. En na veel heen en weer gepalaver werd gekozen voor de zachtere term “anders validen”. De gehandicapten waren immers niet “minder“, wel “anders“.
Alweer werd overal de benaming gewijzigd, kosten noch moeite werden gespaard om onrecht recht te zetten en het “stigma” weg te werken.

Dit bleek echter niet het einde van de soap. Nog enkele jaren later viel een aantal wijzen “in naam van de doelgroep” alweer over het begrip “anders”, ook dat zou misschien denigrerend kunnen overkomen en dus staken ze de koppen terug samen.
Na ellenlange discussie kwamen ze tot besluit over te stappen op de benaming  “personen met een functiebeperking”. Hier moet iedereen toch gelukkig van worden, neen?

Ikzelf ben blind uit één oog en behoor dus tot de doelgroep waarvan sprake in heel dit verhaal. Denkt nu echt ook maar iemand dat ik me beledigd, geschoffeerd, gekleineerd, gekrenkt, gekwetst of wat dan ook zou voelen wanneer ik in een tekst ergens het woordje “gehandicapt” zie staan? Evenmin ga ik plots beter zien door de term te actualiseren tot het lange en belachelijke “persoon met een functiebeperking”. Het is immers niet de benaming die kwetst, wel de context waarin deze gebruikt wordt.

Wanneer iemand me goedbedoeld op de lijst met gehandicapten zet, heb ik daar niet het minste probleem mee. Wanneer iemand daarentegen spreekt over “een bende gehandicapten” gaan er wel een aantal alarmen af. Dit maar om te stellen dat niet het gebruik van de “correcte term” belangrijk is, wel de context waarin de term wordt gebruikt. En ik vermoed dat in de hele discussie rond racisme net hetzelfde geldt.

Wanneer iemand in een neutraal gesprek zegt dat “de negers de oorspronkelijke bewoners van Zuid-Afrika zijn”, kan niemand dit toch als racistische opmerking bestempelen, tenzij hij of zij bewust de confrontatie opzoekt. Wanneer echter iemand uitspraken doet als “vuile neger” of “luie neger” zal de racistische ondertoon wel iedereen duidelijk zijn. Niet het gebruik van het woord “neger” of “indiaan” of wat dan ook maakt iets racistisch, wel de context waarin dit gebruikt wordt. En je bent echt geen beter mens door plots over een “zwarte” of “native American” te gaan spreken.

Wat mij betreft is het gebruik van de affiche met beeld door Jef Nys voor de oerwoudfuif van de scouts dan ook helemaal niet racistisch, net omdat de hele context die dit tot racisme zou maken ontbreekt. Uiteraard kan over de afbeelding van Nys zelf wel gediscussieerd worden, maar die moet dan weer in zijn tijdsgeest gezien worden. Als een tekenaar heden ten dage een zwarte jongen op dergelijke wijze zou afbeelden en dit niet karikaturaal bedoelt, zou dan weer wel helemaal verkeerd zitten.

Hoog tijd om allemaal eens wat minder over het gebruik van een woord of een beeld te vallen, en zeker wanneer duidelijk is dat er geen enkele foute bedoeling achter zit. Misschien ook tijd om eens wat meer aan directe communicatie te doen met betrokkenen in plaats van alles in ’t lang en in ’t breed open te smeren in de sociale media, waarna andere kanalen het oppikken en nog verder verspreiden tot het haast een landelijke discussie wordt waarin iedereen zich verliest.

In plaats van het op Facebook te gooien had de dame die zich als eerste stoorde aan de affiche misschien in dialoog kunnen gaan met de leiding van de lokale scoutsgroep die de fuif organiseerde. Daarmee waren de affiches voor de fuif van dit jaar niet uit het straatbeeld, maar misschien stonden zij er wel voor open om bij toekomstige edities een andere beeltenis te gebruiken, zeker wanneer het hen duidelijk wordt dat mensen erdoor gekwetst kunnen worden. Net omwille van hun goeie bedoelingen staan zij daar immers niet eens bij stil, tot hen dat gezegd wordt.
Maar neen, er wordt direct contact gezocht met het hoofdbestuur van Scouts en Gidsen Vlaanderen, die daar uiteraard niet al te vurig op reageren, wat dan weer aanleiding blijkt op sociale media van de daken te gaan schreeuwen “dat ze haar zoon toch nooit maar zo’n scoutsgroep kan sturen”. Of hoe een klein beetje moeite doen om echt de dialoog aan te gaan met de effectief betrokkenen heel wat meer resultaat had kunnen opleveren, maar uiteraard ook heel wat minder “wind” zou maken.

Ik kan het niet helpen, maar bij dergelijke zaken vraag ik me toch steeds spontaan af wat het echte doel was dat “klager” voor ogen had…

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *